‘opdat zij allen één zijn’. Dit gebed, dit verlangen van Jezus moet ons telkens weer in beweging zetten. In beweging, onderweg naar de ander. Op zoek naar een ontmoeting rondom de Schrift, een ontdekkend getuigenis of de gemeenschap van het gebed.

Maar telkens weer blijkt hoe bedreigend die eenheid kan zijn. Want juist in de ontmoeting met een ander ontdek je jezelf. En dat kan bedreigend zijn. Je vooronderstelling over je eigen geloof, en de vooroordelen over het geloof van die ander worden betwijfeld. Maar is dat juist niet de zegen van het zoeken naar eenheid? De ontdekking dat God niet past in mijn kaders, in mijn beleving. Hij is de totaal Andere die zich bekend wil maken aan mij, soms op ongedachte wijze.

En als ik mijzelf eerlijk de vraag stel of de ‘gebrokenheid van Christus lichaam’ mij raakt, moet ik belijden dat ik deze verdeeldheid geaccepteerd heb. Het lijkt of ik, en met mij velen, geniet van de grote diversiteit van scherven die met belangstelling wordt bestudeert. Zonder stil te staan bij het feit dat al die scherven hun doel missen nu de vaas gebroken is.

Vanuit Johannes 17 worden wij opgeroepen om telkens weer de eenheid te zoeken zoals Christus één was met Zijn Vader. Samen schuld te belijden, vergeving te vinden en in dankbaarheid Hem aanbidden. Als de lijm die de scherven weer verbindt.
‘en zie Ik maak alle dingen nieuw’

1 antwoord

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *